Vliegen met Autisme

Door Wilco van het Hul
6 juni 2022

Een vakantie naar een verre bestemming of een stedentrip is iets wat ik erg leuk vind om te doen. Om snel en comfortabel te reizen is vliegen vaak een goede (en soms de enige) optie. Helaas was dat voor mij ook de meest stressvolle optie. Op een luchthaven is het altijd druk en er kunnen elk moment wijzigingen komen in de planning. Het vliegen zelf was ook iets waar ik al dagen van tevoren gestrest van raakte. Ik hield serieus rekening met de mogelijkheid dat we niet levend op onze bestemming aan zouden komen.

Ik heb kwaliteiten die in het dagelijks leven handig zijn maar niet bij het vliegen. Zo heb ik moeite met (onverwachte) verandering en ben ik erg gevoelig voor zintuiglijke prikkels (geluiden en bewegingen). Tel daarbij op dat ik alles analyseerde en een ster ben in scenariodenken, niet ideaal voor een rustige reis. Daar moest een oplossing voor komen.

vliegen met Autisme

Mijn eerste ervaringen met vliegen

Ruim 10 jaar voor ik mijn diagnose kreeg had ik mijn eerste ervaring met vliegen. Met Martinair naar Barcelona. Ik weet nog dat ik tijdens de vlucht uit het raam keek en erg onder de indruk raakte van de hoogte. Ook de turbulentie maakte indruk. De vluchten die ik daarna maakte waren allemaal vol stress en volledig gericht op het overleven van de reis. Op karakter de vlucht uitzitten onder het motto ‘als je wat wil, dan moet je er iets voor over hebben’. Ondertussen was ik scherp op elk geluid en elke beweging. Ik durfde niet op te staan of te lopen in het vliegtuig. Naar het toilet gaan was geen optie en ik hield het personeel goed in de gaten om te zien of er iets aan de hand zou zijn. 
Deze manier van vliegen heb ik heel wat jaren volgehouden. Elke keer was het weer een uitdaging. Stress vooraf, stress tijdens de reis en uitgeput aankomen op mijn bestemming.

Tegen welke uitdagingen liep ik aan?

Het bijzondere is dat ik een haat-liefdeverhouding had met de luchtvaart. Aan de ene kant vind ik het mateloos interessant. Elke keer dat een vliegtuig vertrekt vind ik het bijzonder dat zo’n zware kist de lucht inkomt. Aan de andere kant vond ik het vliegen zelf erg beangstigend en stressvol en ja, hoe slecht, was ik een fanatiek fan van programma’s die ongelukken in de luchtvaart onderzoeken.

Om een beeld te geven van hoe spannend ik alles vond is dat bij het passeren van Schiphol op de snelweg ik al het zweet in de handen had staan. Zelfs wanneer ik niet op reis ging. Wanneer ik wel op reis ging begon de spanning dus al bij het zien van de luchthaven. Het is er altijd druk en iedereen krioelt door elkaar. Het voelde eenzaam aan, ieder voor zich, op weg naar de gate. Mijn hartslag was vanaf dat moment flink verhoogd en het zweet brak me uit.

Vervolgens in de rij voor de veiligheidscontrole. Ik wist altijd dat ik niks te verbergen had en toch was het altijd weer spannend. Personeel in uniform die je een kant op dirigeren en kortaf commanderen wat je moet doen. Ik snap dat het kort en krachtig communiceren nodig is, het is altijd druk en er is geen tijd voor een praatje, maar het ga mij stress; wat verwachten ze van mij? Moeten mijn spullen in één bak? Moet mijn riem ook af en mijn schoenen uit? Deze onduidelijkheid maakte me onrustig en gestrest. Ook omdat ik niet aan het personeel af kan lezen wat ze bedoelen en hóe ze het bedoelen.

Het was dan ook altijd een opluchting als dit achter de rug was. Even alles rustig inpakken en een paar minuten rust om adem te halen, de hartslag omlaag brengen en proberen kalm te worden.

Daarna het boarden. Nou ja, eerst het wachten totdat het zover is. Ik houd niet van wachten. Er is altijd wel een richttijd die wordt gecommuniceerd, maar dat veranderd bijna altijd. Dus dat gaf (en geeft) onzekerheid. En daar wordt ik gespannen van, zweten, onrust, geen duidelijkheid. Het liefst zou ik direct instappen, dan is het klaar. Maar je hebt je te schikken naar hoe alles verloopt. En, niet vergeten, voor het boarden wil ik alles bij de hand hebben. Dus hoofdtelefoon om mijn nek, pen en puzzelboek in de zak van mijn hoodie, dan kan ik direct gaan zitten en hoef ik niet meer op te staan tijdens de vlucht.

En, last but not least, de vlucht zelf. En dat voelde het ergst van allemaal. De drukte en onzekerheden van het vliegveld waren geweest. En wanneer ik eindelijk in mijn stoel zat voelde ik mij alleen. Alsof ik de hele vlucht van a tot z zelf moest doen. Alles in de gaten houden, zoveel mogelijk controle houden. Het zweet gutste inmiddels uit mijn oksels. Ik kon de situatie niet loslaten en kon niet vertrouwen op de piloten, stewardessen en het vliegtuig. Elk geluid(je) en elke beweging kwam hard binnen en móest geanalyseerd worden. Onbegonnen werk. Regelmatig verving ik bij aankomst mijn shirt voor een schoon en fris shirt, degene die ik aanhad was inmiddels doorweekt en rook niet meer fris. Daarnaast was  ik doodop en was, vond ik, erg toe aan een borrel o de spanning weg te spoelen.

Mijn diagnose en vliegtraining

Toen ik uiteindelijk mijn diagnose kreeg snapte ik waarom het vliegen en alles eromheen zoveel stress opleverde. Drukke menigtes op het vliegveld, onvoorspelbare situaties (bijvoorbeeld vertragingen) en situaties waar ik geen invloed op heb (de piloot vliegt, daar kan ik niet bij helpen). Daardoor wist ik waar ik aan zou moeten werken om relaxter te kunnen vliegen.

Na wat zoekwerk kwam ik uit bij Stichting VALK. Deze stichting is gespecialiseerd in het behandelen van vliegangst. Ze hebben mijn uitgelegd hoe angst werkt en hoe je die zelf in stand houdt. Dat er een verschil bestaat tussen reële angsten en irreële angsten. En die laatste overheersten bij mij in overvloed. Ook kreeg ik de inzichten dat ik controle los moet kunnen laten, overgeven aan de situatie en kreeg ik tips hoe ik meer ontspannen de reis kan maken. Het toepassen van mindfulness (en later meditatie) helpt ook goed om rustig te blijven en emoties te controleren.
Tijdens een tweedaagse training kon ik ook een gezagvoerder het hemd van het lijf vragen over alle denkbare techniek en hoe turbulentie werkt. Al deze informatie en tips kon ik daarna oefenen in een simulator én op een begeleide vlucht. Ik durfde nergens op te hopen maar dit alles heeft ontzettend goed geholpen voor bij de vlucht zelf.

Wat kun je nog meer doen ter voorbereiding op je reis?

Als persoon met Autiame (of met een andere beperking) kun je DPNA assistentie aanvragen. DPNA staat voor Disabled Passenger with intellectual or developmental disability Needing Assistance. DPNA assistentie kun je via het reisbureau of de luchtvaartmaatschappij aanvragen. Op deze manier kun je assistentie aanvragen waarbij je vanaf de bagage check-in tot aan de gate begeleid wordt en stress tot een minimum wordt beperkt.
Ook kun je via Hidden disabilitiesstore bijvoorbeeld een keycord kopen. Met dit keycord laat je aan het personeel weten dat je een beperking hebt.

Wat mij ook heeft geholpen is om mijn beperking te delen met het cabinepersoneel tijdens het boarden. Wat mij het meeste hielp daarbij is dat ik het deelde. Tijdens de vlucht maakte ik dan een praatje met het personeel over het vliegen. Informatie inwinnen over het vliegen. Ik mocht zelfs een keer met een piloot praten die even pauze had. Het beïnvloed niet de situatie naar wel hoe ik met de situatie omga, dat heeft mij veel gebracht.

Inmiddels vlieg ik best ontspannen. Ik vind het nog steeds niet leuk, maar de ergste stress is weg en ik heb al mooie reizen mogen maken die ik niet voor mogelijk hield. Zo zie ja maar weer, alles is mogelijk als je er je best voor doet.